5 gedachten over “Puntje-puntje-puntje”

  1. in 2005 zijn er veel discussies geweest over de braillenotatie voor het punt. Ik zou heel voorzichtig zijn alvorens deze opnieuw te openen.
    In zwartschrift is er (op het beletselteken na) maar 1 punt. Dus zei men in 2005: in braille moeten we kiezen tussen 3 of 256 in alle contexten. Er is toen uiteindelijk gekozen voor 256. Een van de aangehaalde redenen was toen ook al de leesbaarheid voor beginnende lezers: minder verwarring met de komma.
    Dus ik vind het wat vreemd dat nu hetzelfde argument wordt gebruikt tegen 256.
    Ik zie persoonlijk niet het probleem met een beletselteken bestaande uit drie keer 256
    Wat wel zwaar is, zijn de voorlooppuntjes in inhoudsopgaven.
    Welke regel gaan we dan bepalen: van zodra er minsens twee opeenvogende punten staan, moeten ze met puntje 3 worden genoteerd in plaats van 256?
    Van mij mag het, maar ik weet niet of de programmeurs blij zullen zijn met deze verandering.

  2. Ik ben bezig met het ontwerpen van een serie kinderboeken waarin braille en zwartschrift geïntegreerd zijn in het ontwerp. Beletselteken: de leerkrachten (braille leraren van Visio) vonden het gebruik van punten 256, 3 keer achter elkaar te moeilijk voor de jonge kinderen (beginnende braillelezers). Er is toen gekozen om punt 3, 3 keer achter elkaar te gebruiken (in zwartschrift 3 keer een punt).
    Als ik kijk naar U.E.B. wordt er ook gebruik gemaakt van punten 256, 3 keer achter elkaar.
    Als typograaf ben ik gewend om één leesteken te gebruiken (op de mac ‘alt’ + ‘;’) met een spatie ervoor en erna. Dit is een compact teken, dat minder ruimte in beslag neemt dan bijvoorbeeld 3 punten achter elkaar (3 tekens). In de praktijk zie ik vaak dat men gewoon drie punten gebruikt. Kortom, in zwartschrift is er geen consequent gebruik van een beletselteken.

  3. Voor mij als braillelezer maakt het niet zoveel uit of het beletselteken als
    ⠲⠲⠲ [drie maal (256)] of
    ⠄⠄⠄ [drie maal (3)]
    wordt geschreven.

    Ik vraag me af of een zin, die eindigt met een beletselteken, gevolgd door een “einde zin punt” wel zoveel duidelijker wordt met twee verschillende punttekens.
    ⠨⠙⠊⠞⠀⠊⠎⠀⠑⠑⠝⠀⠇⠁⠝⠛⠑⠀⠵⠊⠝⠀⠄⠄⠄⠀⠲ [Dit is een lange zin … .]

    Het is wel fijn als “de punt” consequent wordt omgezet naar eenzelfde brailleteken.
    De huidige werkwijze van Dedicon en CBB, bijvoorbeeld
    ⠨⠙⠑⠀⠞⠕⠉⠓⠞⠀⠊⠎⠀⠇⠁⠝⠛⠲⠲⠲ [De tocht is lang…]
    is duidelijk voor mij.

    Wat betreft de puntjes in een inhoudsopgave, de huidige werkwijze van Dedicon en CBB om geen puntjes te gebruiken werkt prima voor mij, het leest snel. Voorbeeld:
    ⠨⠊⠝⠇⠑⠊⠙⠊⠝⠛⠀⠼⠑ [Inleiding 5]
    ⠨⠙⠑⠀⠛⠑⠎⠉⠓⠊⠑⠙⠑⠝⠊⠎⠀⠧⠁⠝⠀⠙⠑⠀⠁⠁⠗⠙⠑⠀⠼⠁⠙⠀[De geschiedenis van de aarde 14]

    Achtergrond: op “Het Loo Erf” werd ik vorig jaar nog op deze wijze getraind in 6-punt papieren braille. Er worden per jaar heel weinig volwassenen in papieren braille getraind in Nederland, ik meen dat we zorgvuldig met ingrijpende wijzigingen moeten omgaan om frustratie te voorkomen. De punt is een essentieel onderdeel van het Nederlandse schrift.

Geef een reactie